Belastingen en rechten
Lokale heffingen bestaan uit belastingen en rechten (retributies). Die worden volgens de Gemeentewet aangemerkt als gemeentelijke belastingen.
Belastingen
Belastingen hebben de eigenschap dat er geen direct aanwijsbare tegenprestatie tegenover staat. Met andere woorden: de burger betaalt mee aan de algemene middelen van de gemeente. Hiermee betaalt de gemeente een gedeelte van de uitgaven.
Rechten
Rechten hebben de eigenschap dat er wel een directe relatie is tussen de heffing en de gemeentelijke taak. De gemeente levert een specifieke dienst. Zij wil bereiken dat de heffingen 100 procent kostendekkend zijn. Bij rechten mogen de begrootte opbrengsten niet hoger zijn dan de begrootte kosten van de gemeente om de taak uit te voeren.
De gemeente West Betuwe wil de toename van de lastendruk voor burgers beperken. De belastingtarieven zijn in 2025 trendmatig verhoogd met een inflatiepercentage van 4,93% procent.
Kwijtscheldingsbeleid
De mogelijkheid om lokale heffingen kwijt te schelden, is geregeld in artikel 255 van de Gemeentewet. Hoofdregel is dat gemeenten het kwijtscheldingsbeleid van de Rijksoverheid volgen. Dit is geregeld in de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. In het kader van een kwijtscheldingsverzoek mogen gemeenten bij de berekening uitgaan van 100% van de bijstandsnorm. Dit is een uitzondering op de regel van 90% die het Rijk gebruikt.
De gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR) behandelt kwijtscheldingsverzoeken. Op grond van de belastingverordeningen wordt kwijtschelding verleend voor OZB en rioolheffing. In de meeste gevallen wordt de OZB niet kwijtgescholden als er een te grote overwaarde is. De overige belastingen en rechten worden niet kwijtgescholden.