Terugblik
We starten in deze paragraaf in het jaarverslag met een terugblik op de risico's 2025.
Van de risico's uit de paragraaf Weerstandsvermogen van de begroting 2025 deden de volgende risico's zich daadwerkelijk voor:
- Hogere kosten door overdracht wethouderspensioenen naar het ABP. Door de uitspraak van de commissie BBV hierover, verwerkten we het verlies in de jaarrekening 2025.
- Niet kunnen invullen vacatures deed zich op specifieke vakgebieden voor, zoals financieel advies, civieltechnische functies en ruimtelijke ordening.
- Medewerkers vervangen of verlofstuwmeren uitbetalen bij vertrek van medewerkers.
Ook in 2025 hadden we te maken met prijsstijgingen. Deze konden we opvangen binnen de stelpost loon- en prijsstijgingen.
Vooruitblik
De vooruitblik gaat uit van de actualisatieslag die we deden op de risico's van de begroting 2025. Een aantal risico's bleek inmiddels niet meer actueel.
In totaal identificeerden we 24 risico's. Voor de leesbaarheid van deze paragraaf beschrijven we in het risicoprofiel alleen de 10 risico's met het grootste effect op het weerstandsvermogen. Om het weerstandsvermogen te bepalen rekenen we wel alle risico's door. Dit doen we met hulp van een Monte Carlo simulatie. Die gebruiken we ook om de nodige risicoreserve voor de grondexploitatie te bepalen. De uitkomst van de Monte Carlo simulatie voor de risico's, exclusief grondexploitatie, is 15.029.000 euro. Het risicoprofiel van de grondexploitatie is 8.663.000 euro, waardoor het totale risicoprofiel van de gemeente 23.692.000 euro is.
Top 10 financiële risico's
Omschrijving | Kans van optreden | Maximaal financieel gevolg in euro | Invloed op Weerstandsvermogen | |
| Sanering geluidswal en “afbouw” golfbaan worden niet meer uitgevoerd door initiatiefnemer/eigenaar | 50 % | 19.000.000 | 72,80 % |
|---|---|---|---|---|
| Niet volledig of vertraagd realiseren taakstellingen uit de begroting | 50 % | 1.000.000 | 5,71 % |
| Hogere kosten open einderegelingen jeugd en wmo | 50 % | 1.300.000 | 5,33 % |
| Hogere kosten DVO AVRI Ibortaken | 70 % | 500.000 | 2,81 % |
| Algemeen risico van gestegen prijzen boven de compensatie door het Rijk | 50 % | 500.000 | 1,88 % |
| Niet kunnen invullen openstaande vacatures en ook niet kunnen inhuren | 50 % | 400.000 | 1,39 % |
| Ontdekken van drugslabs en hennepkwekerijen | 50 % | 250.000 | 1,34 % |
| Hogere lasten door de risico analyse van de VRGZ | 25 % | 500.000 | 1,15 % |
| Verlofstuwmeer personeel | 50 % | 250.000 | 1,13 % |
| Hogere lasten door de risicoanalyse van de GGD | 50 % | 250.000 | 0,93 % |
14 overige risico's | 2.000.000 | 5,53 % | ||
Totaal | 25.950.000 | 100,00 % | ||
Toelichting risico's
Sanering komt voor rekening van gemeente
Bij de milieusanering in Spijk was en is er een risico dat de gemeente probleemeigenaar wordt. De kosten om de sanering uit te voeren kunnen dan hoog zijn voor de gemeente. Dat heeft impact op het weerstandsvermogen van de gemeente. Mede daarom besloot de gemeenteraad op 27 juni 2023 tot een tijdelijke impuls. Dit in de vorm van een lening voor de toekomstige gebiedsontwikkeling op het gebied van sport, toerisme en recreatie en energietransitie, in combinatie met het oplossen van het milieuprobleem in Spijk aan te merken als een publieke taak. Op grond hiervan besloot het college om een samenwerkingsovereenkomst aan te gaan met The Dutch en ESG. Daarin zijn verdere afspraken gemaakt over de doelen, de samenwerking en de termijn van realisatie van de aangemerkte projecten. Daaronder valt het oplossen van het milieuprobleem. Om de lening te verstrekken is een overeenkomst tot geldlening vastgesteld, met een aantal waarborgen als de afspraken of terugbetaling niet nagekomen worden. Nu de lening is verstrekt en de samenwerkingsovereenkomst is gesloten, zijn er voor de gemeente zekerheden ingebouwd: De partijen ESG en The Dutch gaan het milieuprobleem oplossen waardoor de maatschappelijke risico’s worden verminderd. Ten opzichte van de begroting is het milieurisico bijna niet veranderd. Wel werden door de initiatiefnemer de gronden gesplitst, waarbij de reeds gesaneerde gronden werden ondergebracht in een andere entiteit onder The Dutch. Wij vestigden gelijktijdig , zoals besloten bij de samenwerkingsovereenkomst, het hypotheekrecht voor de verstrekte lening op de gesaneerde gronden.
.
De problematiek van staalslakkengebruik krijgt landelijk steeds meer aandacht. Daarom houden we vast aan het gericht benaderen van andere overheden om mee te denken over de oplossing van het probleem, ook in financiële zin. Recente ontwikkelingen zijn de aanvraag van een bijdrage bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W) om de wettelijk te maken gemeentelijke kosten voor de voorbereiding en uitvoering van de definitieve oplossing van het milieuprobleem te financieren. Het ministerie van I&W heeft inmiddels het initiatief genomen tot het vragen van een onafhankelijk advies over de verschillende scenario's met als doel met alle betrokken partijen tot een akkoord te komen.
In de waardering van het risico houden we geen rekening met de hoge kosten van het afvoeren van de staalslakken. Totdat er een toezegging is voor de financiële bijdrage, houden we ook geen rekening met deze bijdrage.
De kans, dat het risico zich voordoet, hangt ook samen met de termijn waarop de discussie met de andere overheden eindigt. Daarnaast is het zo dat eventuele aanpassingen en wet- en regelgeving niet van toepassing zullen zijn op bestaande casussen. Onze inzet is er op gericht het risico zo laag mogelijk te houden. Omdat er nog geen zicht is op de uitkomst van de discussie, schatten we de kans echter op 50 procent.
Het bedrag is gelijk aan de laatste ramingen van de acceptabele varianten naar een verwachte waarde van 10 miljoen en een maximale waarde van 19 miljoen euro.
Niet volledig of vertraagd realiseren taakstellingen uit de begroting
In de begroting zijn taakstellingen opgenomen. Deze taakstellingen vinden voor een deel hun oorsprong in voorgaande begrotingen en voor het grootste deel in de besluitvorming over de Financieel Fit maatregelen bij de begroting 2025. Het risico dat we die taakstellingen niet realiseren ramen we op maxmaal 500.000 euro met een kans van 50% dat het risico zich voordoet.
Hogere kosten open einde regelingen Jeugdwet en Wmo
De uitvoering van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning betreft open einde regelingen. Dit betekent dat wij cliënten moeten ondersteunen en zorg moeten bieden wanneer zij dat nodig hebben. Ondanks de nieuwe manieren van werken vanuit het herstelplan is een autonome groei van het aantal cliënten of een toename van de zorgintensiteit mogelijk. In 2024 hebben wij daarnaast gezien dat voor sommige vormen van zorg door personeelstekorten bij zorgaanbieders lange wachtlijsten bestaan, waardoor overbrugging met suboptimale vormen van zorg noodzakelijk is. Door toename aantal, complexiteit en duur zorgtrajecten ontstaan er hogere kosten. Bij jeugd gaat het vooral om duur en complexiteit, bij Wmo om vergrijzing en deels nog aanzuigende werking als gevolg van het abonnementstarief. De verwachting is dat het Rijk de toename van de kosten voor een deel gaat compenseren op grond van de voorjaarsnota 2025, daarom schatten wij de kans op dit risico per saldo op 50%.
Hogere kosten DVO AVRI Ibor-taken
AVRI voert in de openbare ruimte een aantal taken uit op basis van een dienstverleningsovereenkomst (DVO). Hiervoor is een werkbegroting opgesteld en op basis daarvan opdracht verstrekt. In september 2024 gaf AVRI aan een overschrijding van 300.000 euro te hebben op deze werkbegroting. Daarnaast wil AVRI alsnog de tijdelijke frictiekosten doorberekenen. Die frictiekosten zijn er doordat de gemeente de taken onderhoud bomen buitengebied en reinigen kolken terughaalde. Wij maakten bezwaar tegen de hogere kosten en schatten het risico op mogelijke bijbetaling in op 70%.
Algemeen risico van gestegen prijzen boven de prijscompensatie door het Rijk
Het gaat vooral om prijsstijgingen van de energiekosten en loonkosten in de GWW sector en in het sociaal domein. De onrust in de wereld zorgt wederom voor grote prijsstijgingen en zorgen over de beschikbaarheid van energie. Daardoor wordt het duurder om de begroting en de beheerplannen uit te voeren. Het is bekend dat het Rijk niet alle prijsstijgingen compenseert, die door het Centraal Planbureau zijn berekend. Het verschil is gemiddeld 1%.
Ontdekken van drugslabs en hennepkwekerijen
De problematiek van ondermijning en drugslabs in het buitengebied verschuift van Brabant naar Gelderland. Als de kosten van sanering niet verhaald kunnen worden op de veroorzaker, draagt de gemeente deze kosten. Gelet op de ervaringen in de afgelopen jaren stellen we de kans op dit risico op aannemelijk.
Hogere lasten door de risicoanalyse van de VRGZ
Het gaat om de risico's waarvoor de VRGZ onvoldoende weerstandscapaciteit heeft. De gemeenten moeten deze risico's dan opvangen, het gaat hier om het aandeel van West Betuwe in het restrisico. De kans dat West Betuwe in dit risico met een maximale omvang van 500.000 euro moet bijdragen, schatten we op 25%.
Verlofstuwmeer personeel
Door de fusie en hoge werkdruk bouwde een aantal medewerkers een stuwmeer aan bovenwettelijke verlofuren op. Met de invoering van de nieuwe CAO gemeenten hebben medewerkers de mogelijkheid om bovenwettelijk verlof te sparen. Inmiddels gebruiken meer medewerkers deze mogelijkheid, maar we zien wel dat de bovenwettelijke verlofsaldi ultimo 2024 een waarde vertegenwoordigden van 1.581.000. Hiervan is 525.000 een voorziening voor verlofsparen. Voor het overige kunnen wij geen reservering opnemen. Aan het einde van 2024 bedraagt het totaal aan niet gereserveerde stuwmeer in geld een bedrag van 1.056.000 euro. Niet alle medewerkers zullen dit stuwmeer in 2025 opnemen. Daarom verwachten we een bedrag van 256.000 euro en schatten we de kans dat dit risico zich voordoet op 25%.
Hogere lasten door de risicoanalyse van de GGD
In de weerstandsparagraaf van de GGD staan risico's door prijsstijgingen, overheidsbezuinigingen, schadeclaims en diverse bedrijfsvoeringsrisico's. In ons risicoprofiel gaat het om het aandeel van West Betuwe in de risico's die de GGD niet met eigen weerstandscapaciteit kan opvangen. De ongedekte risico's zijn lager dan begroot, maar er is een nieuw risico op een structureel hogere gemeentelijke bijdrage van 125.000 euro. Daarom waarderen we het risico gelijk aan de begroting met een hogere kans van optreden.
Risico' s grondexploitatie
Naast de risico’s in de tabel is berekend welke risicoreserve nodig is voor de grondexploitatie. Deze berekening is gemaakt op basis van een zogenoemde Monte Carlo simulatie. Daarbij worden de risico's veelvuldig doorgerekend. Op de uitkomst van die berekening passen we geen weging meer toe. In het meerjarenprogramma grondexploitatie (MPG) is hiervoor een bedrag berekend van in totaal 8.663.000 euro. Hiervan is een bedrag van 3.901.000 euro berekend voor de risico's van bedrijventerreinen, voornamelijk Hondsgemet Noord. Voor 4.762.000 euro zijn er risico's bij de woningbouwprojecten. Dit risicobedrag gaat vooral over De Plantage en een aantal kleinere woningbouwprojecten. Het risicobedrag is toegenomen door de WBI subsidie in de Plantage. Er is een algemene reserve grondexploitatie, die na de bestemming van het resultaat 2025 voldoende is om de risico’s in de grondexploitatie op te kunnen vangen.
