Paragrafen

Financiering

Met renterisicobeheer bedoelen we de onzekerheid over de hoogte van toekomstige rente uitgaven en –inkomsten. Er geldt een aantal concrete richtlijnen om de renterisico’s te beheersen.

  1. Kasgeldlimiet

De kasgeldlimiet bepaalt het bedrag waarvoor de gemeente maximaal kortlopende leningen mag afsluiten, leningen korter dan één jaar. Volgens de Wet Fido wordt het maximum berekend op basis van een vast percentage (8,5%) van het begrotingstotaal vanaf 1 januari. Voor 2025 was de kasgeldlimiet € 14.202.395 Dit is gebaseerd op een begrotingstotaal van € 167.087.000.

(bedragen x € 1.000)

Kasgeldlimiet voor het begrotingsjaar 2025

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

Totaal netto vlottende schuld

-838

5.864

-1.722

13.075

Toegestane kasgeldlimiet

14.202

14.202

14.202

14.202

Ruimte (+)/ Overschrijding (-)

15.040

8.338

15.924

1.127

Per kwartaal wordt gemeten of de gemeente binnen de kasgeldlimiet blijft. De gemeente blijft in alle kwartalen van 2025 ruimschoots onder de toegestane kasgeldlimiet en voldoet daarmee aan de gestelde voorwaarden.

  1. Renterisiconorm

De renterisiconorm is geïntroduceerd om het risico van renteaanpassing en herfinanciering bij langlopende leningen te beperken. Deze norm houdt in, dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen zijn dan 20% van het begrotingstotaal vanaf 1 januari.
Het doel van de renterisiconorm is om tot een zodanige opbouw van de leningenportefeuille te komen, dat het renterisico voldoende wordt beperkt. Als een leningenportefeuille gelijkmatig is opgebouwd, zal ook het renterisico over de vaste schuld gelijkmatig zijn verspreid in de tijd.

(bedragen x € 1.000)

Renterisiconorm en renterisico vaste schulden

Jaarrekening 2025

Begrotingstotaal

167.087

Vastgesteld percentage

20%

Renterisiconorm

33.417

Maximaal risico op vaste schuld

8.478

Ruimte (+)/ Overschrijding (-)

24.939

De gemeente is ruim onder drempel van de renterisiconorm gebleven.
Op de portefeuille met langlopende leningen is geen renteherziening geweest.   

  1. Koersrisico

Doordat we verplicht moeten schatkistbankieren, zijn er geen koersrisico’s binnen het treasurybeleid. Aandelen van nutsbedrijven zijn aangetrokken vanwege de publieke taak en worden niet gezien als risicovolle beleggingen. Het gaat om de aandelen in de NV BNG Bank, Vitens, Stedin en Alliander.
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de instanties waarbij we meedelen in het kapitaal van de instelling.

                          (bedragen x € 1.000)

Omschrijving

Rating

Boekwaarde per 31-12-2025

Netto opbrengst 2025

BNG Bank

AAA

137

129

Vitens

A+

5

0

Alliander N.V.

A+

2.662

162

Stedin Holding N.V.

A-

1.155

143

Totaal

3.959

434

Een rating kun je zien als een kwaliteitskeurmerk. Ratings worden uitgedrukt in een combinatie van letters en cijfers. Een Triple A-rating is de hoogst mogelijke rating. Hoe hoger de rating, hoe lager het kredietrisico voor een belegger en vice versa.

De deelnemingen zijn verantwoord tegen verkrijgingsprijs. Het tegen verkrijgingsprijs verantwoorden komt overeen met het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Om qua treasury goed inzicht te geven in de waarde van de beleggingsportefeuille, ligt het meer voor de hand om naast de boekwaarde ook de marktwaarde (=verkoopwaarde) te vermelden. Dat kan niet omdat het om aandelen gaat van niet-beursgenoteerde ondernemingen die beperkt verhandelbaar zijn.

  1. Kredietrisico

Alleen binnen de kaders van de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden mag treasury middelen uitzetten. Hierdoor ontstaan er geen risico's als we middelen uitzetten. Als er leningen, garanties of borgstellingen worden verstrekt namens de publieke taak, worden zekerheden of garanties geëist als dat kan.
Bij kredietrisico’s kan een onderverdeling in de volgende categorieën worden gemaakt:

  1. Verstrekte geldleningen

In het verleden zijn leningen aan derden verstrekt. Het huidige beleid is om hier terughoudend mee om te gaan, door het risico dat eraan verbonden is.

                                   (bedragen x € 1.000)

Verstrekte geldleningen

Stand per 1-1-2025

Aflossing 2025

Verstrekkingen 2025

Stand per 31-12-2025

Startersleningen

3.115

113

1.282

4.284

Duurzaamheidslening

586

114

472

Toekomstbestendig Wonen

2.087

0

140

2.227

Stimuleringsregeling Maatschappelijk Vastgoed

98

6

92

Verenigingen

237

34

0

203

Hypothecaire lening personeel

455

101

0

354

Overige leningen

6.023

0

0

6.023

Totaal

12.601

368

1.422

13.655

SVn voert de starters- en duurzaamheidsleningen uit. In 2025 was er nog een hogere inflatie dan gewenst. De economische gevolgen hiervan worden merken vooral jongeren (starters). Zij krijgen minder makkelijk leningen toegekend om te investeren en hebben minder financiële armslag. Hierbij geeft SVn de helpende hand, onder andere door startersleningen te verstrekken. Dit is nog niet voorgekomen. Vanwege de economische ontwikkelingen moeten we er toch rekening mee houden dat er een kans bestaat dat we sommige leningen moeten afboeken als oninbaar.

Het is een klein risico dat de aflossingstermijnen van de leningen aan de verenigingen niet worden voldaan.  De gemeente verstrekte in het verleden hypothecaire leningen aan (oud) medewerkers. Inmiddels zijn veruit de meeste van deze verstrekte hypothecaire geldleningen afgelost. Daardoor schatten we het risico op niet terugbetalen van de nog openstaande hypothecaire geldleningen als zeer klein.

  1. Garantstelling

In het verleden zijn vooral garanties verstrekt aan woningbouwcorporaties of maatschappelijke organisaties. Ook hier voert de gemeente een terughoudend beleid. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de gegarandeerde geldleningen. Daarbij is een onderscheid gemaakt tussen de garanties waarbij de gemeente achtervang is en de garanties waarbij de gemeente direct het risico draagt.

(bedragen x € 1.000)

Gegarandeerde geldleningen

Oorspronkelijk bedrag

% garantstelling

Stand per
 1-1-2025

Opname
2025

Aflossing 2025

Stand per
31-12-2025

Particuliere woningbouw

50-100%

44.051

2.532

41.519

Woningbouwcorporaties

101.955

50%

61.993

4.919

57.074

Gemeente als achtervang

106.044

7.451

98.593

Uitvoeringsorganisatie Breedbandnetwerk Rivierenland

37.500

23,8%

8.799

0

8.799

Sporthal De Wiel

2.684

100%

2.263

54

2.209

Leningen personeel

943

100%

439

439

VV Tricht

100

50%

40

3

37

TV Rhelico 2021

100

50%

40

3

37

TV Rhelico 2025

130

50%

0

65

3

62

HCG

125

50%

41

6

35

De Waalrackets

                   125

50%

58

6

52

Betuwse Bloesemtocht

                     25

100%

0

25

25

Gemeente als directe risicodrager

11.680

90

75

11.695

Totaal gegarandeerde geldleningen

117.724

90

7.526

110.288

Voor de particulieren woningbouw staat de gemeente 100% garant voor hypotheken die zijn afgesloten vóór 1995. In 1995 startte de Nationale Hypotheek Garantie. Dit betekende voor de gemeente dat zij niet alleen garant stond voor de aangegane particuliere hypotheken, maar dat zij dit samen doet met de Rijksoverheid: ieder voor 50%. In 2011 nam het Rijk deze garantstelling voor de NHG geheel voor haar rekening. Het bedrag waarvoor de gemeente garant staat wordt kleiner door aflossingen. Daar staat tegenover dat er mogelijk een groter beroep wordt gedaan op de garantstelling door het huidige economische klimaat.

Ook voor leningen van de woningbouwcorporaties staan gemeente en het Rijk samen garant als achtervang. Ondanks enkele faillissementen en andere financiële malversaties bij de woningbouwcorporaties, is het tot nu toe nog niet nodig geweest om een beroep te doen op deze achtervangconstructie. Daardoor schatten we het risico in als gering dat de gemeente haar rol als achtervang moet uitoefenen.
Op basis van eerdere jaarrekeningen is een inschatting gemaakt van de kans dat de gemeente garant moet staan voor Sporthal De Wiel. Met hulp van financiële kengetallen is een risicobeoordeling gemaakt. Voor sporthal De Wiel is het risico klein dat er een beroep wordt gedaan op de garantstelling van de gemeente. Voordat de Wet Fido werd ingevoerd in 2001, konden ambtenaren goedkoop te lenen, waarbij de gemeente garant stond. Sinds de wet kan dat niet meer op deze manier. De gemeente moet de in het verleden afgesloten hypotheken respecteren en garantsteller zijn voor deze hypotheken totdat die helemaal zijn afgelost. Het risico dat de gemeente wordt aangesproken op haar rol als garantsteller, schatten we op dit moment in als uiterst klein.

  1. Interne liquiditeitsbeheer

Interne liquiditeitsrisico’s beperken we door de financieringsactiviteiten te baseren op een liquiditeitsprognose. In 2026 willen we gaan werken met een treasury dashboard om de geldstromen nog nauwkeuriger in beeld te brengen.

Deze pagina is gebouwd op 07/06/2026 12:10:05 met de export van 07/06/2026 12:06:59